Je blijft altijd met elkaar verbonden

Uitgelicht

e Pedagoge Dieuwertje Meijer organiseert op verschillende plekken in de gemeente Krimpenerwaard  !Jes Het Brugproject, een kosteloze (maar niet vrijblijvende) training voor kinderen en hun ouders na scheiding.’ 

Pedagoge Dieuwertje Meijer (33) is getrouwd en moeder van drie kinderen van 9, 6 en 4 jaar. Ze werkte als pedagogisch coach in de kinderopvang. “Na acht jaar werd het tijd om mij te richten op de individuele begeleiding van kinderen en gezinnen, met het streven meer voor hen te kunnen betekenen dan alleen doorverwijzen naar andere voorzieningen.” 

Hoogbegaafdheid

Zelf heeft ze ervaren hoe lastig het kan zijn voor een hoogbegaafd kind in het regulier onderwijs. Dieuwertje: “En inmiddels ook hoe het is als ouder om de juiste ondersteuning te organiseren voor je kind. Het is een doelgroep waarvan de problematiek nog altijd wordt onderschat. Het vooroordeel dat ouders gewoon graag willen dat hun kind bijzonder is, maakt de drempel om hier over te praten hoog. Maar als ouder toezien hoe je kind steeds ongelukkiger wordt is geen optie en daarom vind ik het belangrijk om me voor deze doelgroep in te zetten. Als ervaringsdeskundige en professional.”

Voor informatie bel Dieuwertje Meijer op: 06-29208907 en bezoek de website www.pedagogische-begeleiding.nl

De belofte van Milan



“Ik ben gedisciplineerd opgevoed,” stelt Milan Astrinawaty. “Als je een goed leven wilt heb je een fatsoenlijke opleiding nodig. Streef niet naar rijkdom, leerde mijn vader ons, maar wees een eerlijk mens. Als je daarmee vertrouwen weet te winnen kom je veel verder.”


Krimpen aan de Lek – Milan Astrinawaty Seip vergeet de datum nooit, dat haar moeder belde vanuit Indonesië. Het was 22 juni 2015. Milan was in Nederland bij haar vriend op bezoek. ‘Pappie ligt kritiek.’ Ze kon hem nog wel aan de telefoon krijgen maar haar vader zelf kon niet meer praten. Mijn broer zat naast hem, die kon me vertellen hoe hij reageerde. “Pappie,” zei ik, “Ik kom direct naar huis om afscheid van je te nemen. Maar je hoeft niet op mij te wachten als je teveel pijn hebt, ik begrijp het. Ik ben je eeuwig dankbaar voor alles wat je wat je voor ons hebt gedaan. En het spijt mij dat ik niet aan je verwachting heb voldaan, vergeef je mij? Twintig minuten later is hij heengegaan, in vrede.”

Loopbaan

“Ik had mijn studie niet afgemaakt, dat had ik hem beloofd en hierover voelde ik me schuldig. Ik zal je het verhaal vertellen van mijn ouders. Mijn moeder kwam uit een hogere klasse dan mijn vader. Parvatti had zeven broers en zussen. Toen haar vader overleed nam oma Tientje, de zus van haar oma, de opvoeding over. Haar man, Zachri, was bankdirecteur. Mijn vader, Jimmy, een jongen uit de middenklasse, werkte parttime als chauffeur en loopjongen, hij sorteerde de post en bracht die rond rond in de bank van opa Zachri. Tot drie keer toe weigerde oma Tientje toestemming te geven voor de verbintenis. Maar het was Zachri die de knoop doorhakte en toestemming gaf voor het huwelijk, dat op 8 mei 1972 plaatsvond. Zachtri zei toen: ‘Eens zal Jimmy hoger staan dan ik.'”


Rolmodellen
“Zachri kreeg gelijk. Op eigen kracht werkte Jimmy zich op tot dezelfde positie als hijzelf. Dat was 1995. In die 23 jaar zijn we wel twaalf keer verhuisd. Uiteindelijk werd pappie vice-president van de BNI bank in Bandung op Java. Mijn ouders waren de beste rolmodellen die we ons, ik heb twee broers, konden wensen.” Wat waren hun belangrijkste waarden? “Wees stipt, zelfstandig, eerlijk en heb zelfvertrouwen.

In 1991 ging ik naar de hotelschool. Mijn vader wilde dat ik minstens een bachelor haalde. Waarom is dat zo belangrijk?, vroeg ik me af. ‘Als je een keer in de problemen komt heb je altijd iets om op terug te vallen.’
Maar ik zakte voor de test aan de universiteit van Jakarta, de staatsuniversiteit van Indonesië, en moest een veel duurder examen afleggen om op een particuliere universiteit aangenomen te worden.”


Office manager
“Hier startte ik met de studie merkontwikkeling die ik niet heb afgemaakt. Ik had geen zin meer, ik wilde liever werken. Hiermee stelde ik mijn ouders ongelofelijk teleur. maar ik vond een baan in Jakarta en werkte me op tot office manager van de grootste bedrijf in goud en juwelen van het land, met 600 werknemers. 
Ik trouwde en bleek niet zwanger te kunnen worden. Het werd een stressvolle tijd waarin ik me liet behandelen voor onvruchtbaarheid en bovendien moest mijn moeder een hartoperatie ondergaan. Middenin deze spannende en onzekere periode ontdekte ik dat mijn man in de tussentijd een relatie had met een andere vrouw die inmiddels zelfs zwanger was van hem. Dit betekende een enorme klap voor me, waarop vanzelfsprekend een scheiding volgde; ik keerde terug naar mijn ouders.”


Scheiding
“In Indonesië is het zo dat als een man een scheiding aanvraagt de bezittingen verdeeld worden. Als een vrouw de scheiding aanvraagt krijgt zij helemaal niets. Ik had al die tijd niet gehuild maar over dit onrecht schreide ik dikke tranen. Ik kon natuurlijk wachten tot ik een ons woog, dus uiteindelijk moest ik de scheiding wel zelf aanvragen, die na tweeënhalf jaar op 28 mei 2013 werd uitgesproken. Hierna werd ik een echte workaholic, ik werkte zes dagen per week op de afdelingen HR en sales tot mijn vader me erop wees dat ik geen sociaal leven meer had.


Ik heb geen kinderen gekregen maar wel liefde gevonden. Hoewel dat betekende dat ik ver weg ben van mijn familie en het overlijden van mijn vader op afstand heb moeten meemaken. Mijn moeder gunt het me, jouw geluk is het mijne, zei ze me, ‘if that guy makes you happy,’ dan ligt daar jouw weg. Ik voel me door haar gesteund in het volgen van mijn hart, zij weet hoe belangrijk dat is en ik heb het uiteindelijk ook geleerd.”
Nu is Milan bijna zesenveertig. In Krimpen aan de Lek werkt ze sinds februari 2017 aan een nieuw bestaan. Haar man Peter heeft twee volwassen zoons. De inburgeringscursus brengt vriendschappen. “Je moet wel een stap terug, gelukkig ben ik voor het eerste examen, Nederlands lezen en luisteren, geslaagd. Als vrijwilligster in het taalcafé leer ik heel veel mensen kennen.” Binnenkort begint ze met een baantje in de lunchroom van Boerske Broodjes. Je moet tenslotte door met je leven! Maar wel heeft ze zich ingeschreven bij de Open Universiteit. Voor een postgraduate, om de belofte aan haar vader in te lossen.

Reizen naar Oeganda


Flavia Anek Onen
Het volkslied van Oeganda geldt als het kortste ter wereld en wordt daarom meestal twee keer achter elkaar gezongen. Flavia Anek Onen is al net zo kort over de regering en president van haar geboorteland: ze vullen enkel hun zakken en die van hun familie.

Schoonhoven – Flavia is scherp en heeft een humoristische manier van vertellen in bloemrijk Engels. Aan de oostelijke oever van het Victoriameer ligt in Oeganda de stad Jijnja waar ze geboren en getogen is. Hier ligt haar hart en loopt haar mond van over. Net als de Nijl die hier ontspringt en 6000 kilometer verder in de Middellandse Zee stroomt. “In het traag deinende water van het meer zie je de op een na grootste rivier van de wereld ontstaan in een versnelling van de stroom richting de Nijl.”

Flavia vertelt: “Mijn ouders komen uit de streek Gulu in het noorden; daar zijn ze intelligent en intellectueel, met een hoogstaande moraal. Dat geeft ze echter geen enkel voorrecht in Jjinja, waar hoge functies en aantrekkelijke banen voorbehouden zijn aan degenen die kruiwagens hebben of flinke sommen geld neertellen. Mijn vader had twee vrouwen, zoals in Oeganda algemeen gebruikelijk is. De man is het hoofd van het gezin en zijn wil is wet; je hebt hem te respecteren, zonder twijfel of twist. Mijn vader verbleef beurtelings een week in het ene, dan weer in het andere gezin.
Mijn moeder Gertrud heeft vier dochters en één zoon. Concy, mijn stiefmoeder, heeft vier zonen en een dochter. Het doet zeer om haar stiefmoeder te moeten noemen, maar zij stookte na de begrafenis van onze vader haar dochter Barbara op om niet meer met ons te praten. Terwijl we juist zo goed met elkaar overweg konden; we droegen zelfs dezelfde kleren, alleen in een andere kleur. We vierden alle feestdagen gezamenlijk. We hadden zo’n fijne jeugd!
Hoe de vork in de steel zat kwam aan het licht toen mijn vader overleed. Ik was toen zestien. Tijdens de uitvaart heb ik Concy nog geholpen met het verzorgen van de boeketten. Mijn ooms regelden zowel de begrafenis als de erfenis. Uiteindelijk ging al zijn spaargeld naar Concy, zij had immers de meeste zoons. In Oeganda tellen alleen jongens, zij mogen dan ook studeren. Oeganda staat bekend om de homohaat en meisjes zijn ‘just a waste of time’. Toen ik in Nederland arriveerde, nam een van de ooms contact met me op. Ik ben er niet op ingegaan, waarom zou ik? Ik had niets van ze te verwachten! Door die hele geschiedenis ben ik niet zo geduldig en gedwee, en ook is er voor mij geen enkele aanleiding om in een traditionele relatie te stappen. Ik stel mijn eigen doelen en zorg dat ik die op eigen kracht bereik.”

Luipaarden en olifanten
Haar Hollandse Hans is anders, ze leerde hem twaalf jaar geleden kennen en ze heeft tot haar verbazing nooit onenigheid met hem gehad. “Is dat gek? Hij haalt het het beste in me naar boven. Ik volg een opleiding in vrije tijd en toerisme en was in de veronderstelling dat ik dan als kamermeisje bedden zou moeten afhalen. Daar voelde ik helemaal niets voor! Maar Hans liet me inzien wat ik met die opleiding kan. Het houdt nogal wat in: een reisorganisatie runnen, reizen organiseren, airport pickups en transfers regelen, op noodgevallen anticiperen, kamers boeken, onderhandelen over excursies.” En dat is precies wat Flavia nu doet. Ze ontpopte zich als een volwaardig en vooral betrouwbaar reisorganisator. “Ik draag er persoonlijk zorg voor dat de chauffeurs niet alleen op de juiste dag maar ook exact op de afgesproken tijd op afgesproken plaats is. Ik garandeer dat we met een volle tank benzine in een schone truck op safari gaan. Op zoek naar leeuwen, luipaarden, olifanten, giraffen en krokodillen. We bezoeken de Victoria watervallen en gaan vissen.”

Twee stoplichten
Deze goed georganiseerde dame vindt Nederland overgeorganiseerd. “Jinja is de tweede stad van Oeganda. Kampala, de hoofdstad heeft twee stoplichten en Jinja … geen een. Dat komt goed uit, want iedereen bestuurt hier een voertuig naar believen. Men zou niet weten of je voor een groen stoplicht moest stoppen of doorrijden. Van het verschil tussen links en rechts rijden of voorrang verlenen heeft nog geen mens gehoord. Je in dat verkeer begeven? Spring liever achterop een taxibrommertje. Of ga langs de weg staan en wuif als er een bus aankomt in de hoop dat hij voor je stopt en jouw richting uitgaat.
Wij hebben geen koelkast nodig, dat is zonde van de elektriciteit. Hoe durven de vishandelaren hier bedorven talapia voor vers te aan te prijzen!?” Flavia trekt er haar neus voor op. “Als ik vis wil hebben loop ik naar de haven en kies wat er vers uit de Nijl is binnengebracht.
Ik mis onze overvloed aan groente en fruit. En het Hollandse ‘eet je bord leeg’ betekent voor ons dat je een slechte gastvrouw bent. Waardeloze groenten of onkruid als bitterleaf, guavebladeren en soursop fruit worden hier heel duur als delicatesse verkocht.” Ze laat me tamarinde proeven en een pakje bananenmeel zien. Ze moet er zuinig mee zijn, de KLM heeft het bagagevervoer in prijs verhoogd. “Ik had graag fruit geïmporteerd, maar jullie zouden onze ananassen en avocado’s zo groot als een voetbal niet eens op krijgen.”

Kaarsjes op je verjaardagstaart


We vijlden onze nagels met een steen en kleurden onze lippen met een rode balpen, vertelt Flavia Almeida Reis. “In de kerk zaten we naast elkaar, geloofden we samen in God en zongen alle liedjes mee uit volle borst. Laudicéa was mijn vriendinnetje.”

Lekkerkerk – Flavia Reis groeide op in een kindertehuis in Brazilië, het Orfanato Evangélico das Assembleias de Deus na Bahia.” Ik spreek haar met taalmaatje Ria in de bibliotheek en in het gezellige dijkhuis waar zij met haar man Chris en twee dochtertjes woont. “Mijn moeder was nog heel jong toen ze mij kreeg en mij aan mijn overgrootmoeder gaf. Die bracht me naar het kindertehuis, want ook zij moest werken. Daarna heeft mijn moeder nog vijf kinderen gekregen, daar heb ik eerlijk gezegd geen begrip voor.  Alleen mijn jongste broer groeide op bij onze moeder. Ik heb altijd gedacht dat ik een weeskind was en kwam er pas later achter dat ik familie had.”
In het kindertehuis in Feira de Santana Bahia woonden tachtig kinderen van alle leeftijden; jongens en meisjes, de baby’s en tieners, allemaal apart. Het was een groot complex met een kerk, een speeltuin, een bakkerij. Verder een groentetuin, een boomgaard en natuurlijk een school. In gebouwen met twintig slaapkamers sliep je in een eigen kamer of je deelde die met een of twee andere kinderen. Als kind droomde Flavia ervan later haar eigen huis te hebben.
“Het was gezellig in het tehuis en het eten was lekker, maar we werden er streng en gelovig opgevoed. De directrice Loide was wel altijd lief. Met haar heb ik nog steeds contact. Loide vierde haar eigen verjaardag met ons in het tehuis. Ze maakte er voor mij een onvergetelijk feest van door met de drie kinderen die in diezelfde maand jarig waren taart te eten. Al die jaren correspondeerde ik met Laura, een Finse vrouw die me financieel had geadopteerd. Ik schreef haar wat wij zoal deden en zij stuurde snoep en geld. Drop! Zo vies. Helaas zijn we elkaar later uit het oog verloren.” 

Nanny
“Op mijn zestiende kwam overgrootmoeder me ophalen. Ze had me mijn eerste drie jaar eenmaal per jaar bezocht, maar dat was ik vergeten. Blijkbaar was het tijd om bij haar te gaan wonen, maar omdat ik mezelf moest onderhouden, werd ik nanny. Ik trok bij de familie in, een vriendin van mijn moeder. Mijn eigen familie heb ik in die periode pas leren kennen, maar ik voelde geen band met mijn moeder en ook niet met mijn oma. Wel met mijn halfbroers en -zusje. Mijn zusje raakte al op haar veertiende zwanger. Inmiddels is ze vierentwintig en heeft ze twee dochters. Ze werkt in een pizzeria en een tante helpt haar met de kinderen, want ze heeft geen man. En een van mijn broers is bij drugsbendes betrokken geraakt en later door een gewapende passagier doodgeschoten toen hij een overval pleegde op een bus.”

Macumba
In Salvador de Bahia kwamen vroeger de slavenschepen aan uit Afrika. Het  Afrikaanse geloof en cultuur zijn er sterk vertegenwoordigd gebleven. Dat is te zien aan de vele kleurige huizen, en miljoenen mensen maken nog weleens een macumba. Dit is een offer, gericht aan de goden en geesten, dat wordt samengesteld uit allerlei kleurige en symbolische attributen, zoals schelpen, snoep en geld. Er wordt dan gedanst, vuur gestookt, soms wordt er een dier geofferd. Het gaat hierbij om serieuze en ethisch hoogstaande zaken, maar het gebeurt net zo goed te pas en te onpas, zoals wanneer je iemands echtgenoot wil afpakken.  
Flavia: “Toen er een keer een macumba werd gemaakt, hebben Laudicéa en ik de muntjes, een paar dubbeltjes, gepikt uit het offer. Dat was zó spannend. Omdat we niet van het terrein af konden moesten we over de muur roepen naar de eigenaresse van de snoepwinkel aan de andere kant. Wij gooiden het geld over de muur en dan gooide zij snoep terug.” 

Machista
“Ik was twintig toen ik de Nederlandse Chris leerde kennen en ik vond hem aardig. Voor mij geen Braziliaan, die zijn machista, seksistisch, en daar had ik helemaal geen boodschap aan.”Hij had een verhuurbedrijf in Salvador de Bahia van woningen  tijdens carnaval en andere festiviteiten. We woonden tien jaar in zo’n kleurig huisje vlak bij het strand, voordat we verhuisden naar Nederland. Ons dochtertje Luna was toen zes. Inmiddels zijn we getrouwd en heeft Luna een zusje gekregen: Eva, zij is nu drie.
Chris vult aan: “Flavia is niet zo uitbundig en extravert als de gemiddelde Braziliaanse, ze is bescheiden maar weet wat ze wil. Ze lijkt niet getraumatiseerd; in die cultuur tilt men er niet zo zwaar aan wie je kind verzorgt, het wordt gegeven aan degene die daar het best toe in staat is. Maar toen ons dochtertje Luna haar eerste verjaardag vierde, had Flavia ons huis van onder tot boven versierd en volgezet met lekkernijen en zoetigheid. Daaraan kon je wel zien wat het voor haar betekende om haar eigen gezin te hebben.”
Taart
“Ik heb een gelukkig leven en een fijn thuis gekregen. Door mijn eigen kindertijd betekent het heel veel voor me om zelf de verjaardagstaarten voor mijn dochters te kunnen bakken. Ik wil graag mijn eigen inkomen gaan verdienen met het bakken van taarten.”

Hoofddoek als uiting van vrijheid


“Nederland is mijn kleine paradijsje. Het enige dat ik anders zou willen zien is dat er eerst wordt gekeken naar wat we gemeen hebben in plaats van de verschillen op te zoeken en die te benadrukken.”


Schoonhoven – Shahiera Sharif is zesendertig jaar, op haar 16e kwam ze vanuit Afghanistan naar Nederland. Ze is alleenstaand moeder met een zoon. Ze is landelijk projectleider bij Vluchtelingenwerk Nederland, waar arbeidscoaches vluchtelingen helpen een baan te vinden. Daarnaast heeft ze een studio voor sport en yoga, Fempowerment Studio. “Het concept daarvan is de combinatie van bewegen en je mindset. Stilte, het volgen van het ritme van je hartslag en ademhaling kan confronterend zijn,” lacht ze. “Maar het is belangrijk om naar binnen te gaan, je lichaam bewust te voelen. Yoga wordt misschien dan wel niet gewaardeerd door de islam, maar ik maak mijn eigen keuzes. Iedereen wordt geboren met een doel en mijn doel is vrijheid!”

Hoofddoek
Negen jaar geleden nam Shahiera een besluit. Ze koos voor het dragen van een hoofddoek. Dat wierp nogal wat stof op. Veel mensen hadden en hebben er nog moeite mee. Shahiera: “Ze zien niet dat ik innerlijk niet ben veranderd. Ik heb alleen zichtbaar gemaakt waar ik voor sta. Mijn ouders zijn met mij, mijn broertje en zusje, gevlucht vanwege de repressieve regering van een land waar we geen vrijheid hadden. In Nederland hebben we veiligheid én vrijheid gevonden.
Een jaar of veertien geleden begon Geert Wilders zich te roeren: islam zegt dit, de Koran zegt dat. Tegelijkertijd zagen we de samenleving verharden. Mijn moeder besloot zich in de Koran te verdiepen, en ik studeerde met haar mee. Ik kwam tot de slotsom dat de schepper in je hart leeft, dat religie kracht geeft, je steunt en helpt opstaan als je valt. Dat je het leven niet hoeft te begrijpen om er vertrouwen in te hebben dat het goed is. Dan leer je de stilte waarderen, en hoef je er niet voor te vluchten, zo creëer je vrede in je hart. Mijn moeder is genezen van migraine nadat zij op bedevaart is gegaan. Of je een hoofddoek draagt omdat je het huishouden doet, of chemotherapie hebt gehad, of dat het een uiting is van je relatie met de Schepper; ik dacht dat het allemaal kon in Nederland.”


Vrijheid
Je geloofsovertuiging is de basis vanwaaruit je het leven leeft. Is het belangrijk dat je vrij bent in het uiten van je geloofsovertuiging of religie?
“Ik zal me niet conformeren aan de mensen die deze vrijheid bestrijden. Dat ik mijn hoofddoek draag betekent dat ik me juist níet laat knechten. Mijn hoofddoek is daarom per se geen statement; het is een kledingvoorschrift uit de Koran die de verbinding met de Schepper vertegenwoordigt. Ik draag de hoofddoek omdat ik mijn Schepper wil gehoorzamen, onvoorwaardelijk liefheb en wil volgen. Maar soms denk ik er weleens over om de politiek in te gaan, om eens wat duidelijkheid te brengen. In Afghanistan zijn vrouwen verplicht een hoofddoek te dragen, hier mag het. Daarom hou ik zo van Nederland. Ik waardeer de vrije keus enorm. Maar helaas maak ik juist vaker mee dat je ter verantwoording wordt geroepen voor het dragen van die hoofddoek.”


Wat voor commentaar krijg je op je hoofddoek?
…. Tut-tut- jij ook al?
… Wat zonde van je haar, ik dacht dat je een superwesterse dame was.
… Shahiera versie 2.0


“Er zijn hele lieve prachtige hoogopgeleide vrouwen die een hoofddoek dragen. Uiteindelijk zijn er altijd verschillen, maar de vraag is: waar krijg je energie van? En waar leer je van? Ik zou willen dat mensen aandacht hadden voor onze overeenkomsten. Laat verschillen niet tussenbeide komen. Met opleidingen, werk, partner, kinderen en huishouding kom je nauwelijks toe aan jezelf. Neem twee uur per week de tijd waarin je helemaal zelf bepaalt wat je doet. Leg je geluk nooit in handen van een ander en laat niemand je zwak maken. Houd de regie over je eigen leven. Leer op jezelf te vertrouwen. Vrijheid heb je net zo hard nodig als zuurstof. “


Wereldburgers
Hoe sta je tegenover Afghanistan?
“Ik weet het zo gauw niet, laatst sprak ik erover met mijn broertje, die zei dat we wereldburgers zijn geworden. We zijn snel in velerlei opzichten, hechten minder waarde aan tijd en plaats. Je kunt je paradijs creëren waar je ook bent. Het gevoel van geluk is niet afhankelijk van je afkomst maar van je hart en mindset. Ik besef intens hoe waardevol het leven is tussen geboorte en de dood. Op een keer beloofde ik mijn moeder te bellen zodra ik vlak bij huis was. Ik realiseerde me dat de dag ervoor op precies diezelfde plek een dodelijk ongeval had plaatsgevonden. Twee broers, waarvan één aanstaand vader, kwamen nooit meer thuis. In Afghanistan worden de doden in drie witte lappen stof gewikkeld en dezelfde dag nog ter aarde besteld. Er is niets wat je meeneemt. Als je dat beseft is het geen moeite om ergens voor te staan en ervoor te gaan.”


Hoe ziet je leven er over vijf jaar uit? “Ik zou heel graag mijn studio uitbreiden en nog meer vrouwen bereiken volgens de stelregel: Wees trots als een pauw, zacht als een roos en sterk als een leeuw.”

En de vrouw die slaat de trom

Uitgelicht


“Het was een heerlijke tijd. We waren verliefd en zagen er knap en leuk uit, in onze stoere broeken met wijde pijpen en strakke bloezen. Ik had hem op school leren kennen, de zus van een docent had familie in Nederland en hij kwam regelmatig langsgereden.”

Schoonhoven – “Ik was vrijmoedig en vol bewondering voor zijn mooie Mercedes. Na een poosje gingen we een eindje rijden en later nog ergens iets drinken. Zo is het begonnen.” Nadia Zaïdi kwam in 1979 op 17-jarige leeftijd naar Nederland. Even wennen was dat, maar ze zorgde meteen overal bij betrokken te zijn, “anders word je eenzaam.” En één aspect van haar jeugd zou ze nooit loslaten: “Iedere dag is een feest.”

Opa’s lieveling
Opa bezat een flinke boerderij aan de rand van Tanger. “Ik groeide op in een grote familie op zijn land, waar hij woonde met zijn vrouw, hun vijf zonen en twee dochters en hun gezinnen.
Als jongste van alle kleinkinderen was ik opa’s lieveling, ik stond altijd naast hem of zat op zijn rechterknie en volgde hem op de voet. Zodoende was ik vaak van van alles op de hoogte. Opa was de familieoudste; gaf wijze adviezen en goede raad: Zijn levensmotto was dat iedereen vooral gelukkig moest zijn en van het leven diende te genieten. Af en toe ging de radio aan, tv kwam er pas op het laatst. Ik was altijd buiten en hielp op de boerderij, vermaakte me met de dieren; molk de koeien en gaf alle kippen een naam. ‘s Avonds aten we gezamenlijk op het binnenplein aan grote tafels tussen de bomen, overdekt met gekleurde zeilen. Daar liepen dan twaalf bedienden af en aan met rijk gevulde schotels. De woningen lagen om het plein.
Wij kinderen verzamelden ons elke morgen bij de grote boom en liepen naar de school. Daarvoor hoefden we alleen over te steken. Tanger kent nu een miljoen inwoners maar ik herinner het me als een mooie en rustige stad waar iedereen elkaar kende en waar je alles lopend deed.”

Moeders
Moeders speelden een heel grote rol. Schoenen en jurken werden in opdracht buitenshuis gemaakt, hoewel de meisjes wel naailes kregen. En kookles. Met de Ramadan werd er gekookt voor de armen, en de kinderen brachten pannetjes soep rond. Die ervaring kwam goed te pas toen Nadia bij de SWOS met vrijwilligerswerk begon: “Er ging een wereld voor me open, en ik vroeg me af of ik het wel zou kunnen. Maar we werden gekoppeld aan Nederlandse dames en dachten toen: O, noemen ze dit hier koken? De Nederlanders vonden het aanvankelijk ook maar eng: ze zouden toch geen vies Marokkaans eten krijgen? Dus mijn (Marokkaanse) vriendin en ik kookten de Hollandse pot. We bleken een grote aantrekkingskracht te hebben op de Marokkaanse gemeenschap, en algauw werd er voor mij bij de SWOS een baan gecreëerd als activiteitenbegeleidster voor migranten. Het was zelfs zo dat de huisarts Marokkanen naar mij verwees voor gymnastiekles, wandelen, feestjes, bruiloften en het verschaffen van interculturele informatie. Vooral met ouderen werken is mijn passie, bijvoorbeeld het herkennen en begeleiden van beginnende dementie. Wij brengen zoveel kleur mee! En op de markt kopen we niet één paprika maar een paar kilo!”

Vroedvrouw
Oma was de matriarch van de familie en stuurde het thuisfront aan. Zij ging prachtig gekleed en had met henna beschilderde handen. “Oma van mijn vaders kant was vroedvrouw en gynaecoloog in de wijde omtrek,” vertelt Nadia. “Ook legde zij de doden af. Deze beroepen werden als vanzelfsprekend uitgeoefend door ‘pittige vrouwen’. Als meisje van acht jaar ging ik al met haar mee, ik ben nooit bang voor doden of de dood. Ook geboortes vind ik niet eng. Eens werd oma bij een bevalling geroepen. “Zo hard ik kon holde ik achter haar aan. Daar was ze bezig, met een bezweet hoofd. De navelstreng zat om het nekje, zag ik. “Oma,” zei ik zacht. “Nu niet,” bitste ze. Even later moest ik wel doeken en warm water halen. Het jongetje was al blauw, maar met een paar ferme petsen bleef hij toch in leven. Later kwam ik hem tegen: Hee jongetje, ik heb jou eruit zien komen, zei ik dan. En ja hoor, hij wist het nog! Iedereen daar was met haar hulp geboren en al die kinderen noemden haar Moeder.”
Uithuwelijken
“Ach, daaraan wordt hier altijd zo zwaar getild. Ik herinner het me als aandachtig en liefdevol. Je groeide heel betrokken met elkaar op. Zo was al vroeg duidelijk wie er bij wie hoorde en werd het uiteindelijk een gezamenlijke keus met wie je trouwde, iedereen was het ermee eens.”
Toen haar moeder haar eigen bedrijf wilde beginnen was opa geshockeerd. Hij bood haar geld aan, met de gedachte dat het haar iets ontbrak. “Het kostte oma de nodige overredingskracht om hem duidelijk te maken dat het haar ging om zelfontplooiing. Toen kon hij zich er wel in vinden. Later, toen ik naar Nederland ging, was het mijn moeders beurt om geschokt te zijn.
Na de dood van opa brokkelde het familiegebeuren geleidelijk af en ging ieder zijns weegs.”
Loes Ambrosius schrijft aan een serie portretten van vrouwen van elders. Meedoen? Bel 06-18257903. Kijk ook op Facebook: Kleurrijk Krimpenerwaard en op: KleurrijkKrimpenerwaard.nl

De liefste moeder van de wereld

Schoonhoven – Ayat Ghannam is sinds december 2015 in Nederland. Haar man vluchtte tien maanden eerder uit Syrië. Hoewel ze in Krimpen aan de Lek hartelijk zijn opgevangen door de buren Teus en Meta Klein en taalmeisje Nelly Gonzales, moesten ze een paar maanden geleden naar Schoonhoven verhuizen wegens ruimtegebrek. Soms valt het allemaal niet mee

Lees alle verhalen ook op: https://www.facebook.com/KleurrijkKrimpenerwaard

Jarmuk is een stad in het gouvernement Damascus. Opgezet voor de huisvesting van Palestijnse vluchtelingen uit de Arabisch-Israëlische oorlog van 1948. Hieronder bevonden zich ook Ayat’s Palestijnse grootouders. Met in 2004 een inwonertal van 137.248 ontvluchtten die de stad bijna allemaal na 2012, totdat er eind 2014 nog maar 20.000 over waren. Ayat is geboren in Damascus maar woonde in Jarmuk toen de oorlog plotseling begon.

Bombardement

“Het was indringend en allesoverweldigend. We dachten een dag weg te gaan, het bleek permanent.” 16 december 2012. Een vliegtuig dat laag, traag, bulderend overvliegt. Een bombardement, gevolgd door doodse stilte. Ze deden alle deuren en ramen dicht en verstopten zich. “De volgende dag hoorden we rumoer op straat; buiten was het ineens zo vol met mensen dat auto’s niet konden rijden. Het bombardement had in één klap driehonderd mensen gedood, er zijn nog steeds vermisten. Wij voegden ons in de horde. Onmiddellijk. Zonder jas, zonder tas, ik griste nog net onze identiteitspapieren mee. Lopen, weg van hier, was het enige wat we konden bedenken.”

Ayat pakt haar telefoon en laat een filmpje zien via het grote beeldscherm van de tv. “Kijk, dit was mijn straat, mijn huis.” Ik zie alles wat ze zonet heeft verteld, jonge en oude mensen, alles in een angstaanjagende stilte.

Ayat ging met haar gezin te voet naar een verderop gelegen plaats, waar ze werden opgevangen door familie. “We zaten met vijfentwintig mensen in een huis en zorgden voor elkaar, het geluk van een grote familie. Maar steeds als de oorlog dichterbij kwam trok ik verder met de kinderen naar een andere plek. Naar school moesten ze, de kinderen hebben nog een heel leven voor zich.” In 2014 was het niet meer uit te houden en ging vader Ismael vooruit, op de vlucht, niet wetend waar hij terecht zou komen, terwijl Ayat  zo goed en zo kwaad als het ging haar hoofd boven water probeerde te houden, erop vertrouwend dat ze hem zou weerzien.

Gestold moment

Ik zit bij Ayat op de bank en ze vertelt: “Het leven was fijn en rustig. In Syrië is het een eer als een man genoeg geld verdient om zijn gezin en huishouding te onderhouden. De opvoeding is mijn belangrijkste taak en met inmiddels zes kinderen is dat druk genoeg. Toch heb ik jaren gewerkt als docente wiskunde, natuur- en scheikunde. Na de middelbare school is er een groot algemeen examen, en daarin begeleidde ik de leerlingen met veel plezier. 

Het moeilijkste moment in mijn leven was het vertrek uit Syrië. Je wilt niet, alles in je verzet zich. Ik hou niet van reizen, en zeker niet met de zorg voor de kinderen, naar een volstrekt vreemd land. Ik was nooit in het buitenland geweest. Ik liet mijn vader, mijn moeder en mijn zus achter, zonder enig idee wat de toekomst zou brengen.” 

Het wordt heel stil terwijl ze me vertelt hoe ze het vliegtuig moet instappen en hoe bang ze is;  het moment stolt in de tijd. We weten allebei even niet wat te zeggen. “Ik vergeet je thee te geven,” bedenkt ze. En ik: “Doe maar graag een glaasje water.” En terwijl zij glaasjes water haalt pinken we beiden vlug een traantje weg voor ze antwoordt op mijn volgende vraag:

“Waar haal je je kracht vandaan?” Ze hoeft geen moment na te denken: “Mijn ouders hebben me altijd gesteund en blijkgegeven van hun vertrouwen in mij. Alleen God weet waarom de dingen gebeuren. Dus wees een sterke moeder. Verdriet helpt niet, het verandert niks aan de situatie. Alles wat er gebeurt is ergens goed voor, een test van God hoeveel vertrouwen je hebt en hoe emotioneel stabiel je bent. Al deze jaren was het mijn doel de kinderen veiligheid te bieden.

We probeerden om nooit naar buiten te kijken, maar als Ahmad zijn hoofd verborg onder een deken als er weer een bommenwerper overvloog, zei ik: “Doe dat maar niet, God zal ons beschermen.” Terwijl ik intussen dacht: als de bom valt, zullen we het toch niet navertellen. Het heeft geen zin om bang te zijn. Beter is het om je zinnen te verzetten en te studeren, je leerprestaties naar een hoger niveau te tillen.”

Warm nest

“De kinderen zijn bewust gemotiveerd iets te bereiken. Met zes kinderen in de leeftijd van drie tot negentien heb ik elke leeftijd met zijn eigen kenmerken en aanpak in huis.” En hoe zit dat dan bij jullie met de puberteit? Daarop krijg ik van alle kinderen volmondig als antwoord: “Wij hebben de liefste moeder van de wereld. Ze is er altijd voor ons, ze is onze beste vriend. We kunnen met alles bij haar terecht. Ze weet ons te motiveren, ze geeft ons vertrouwen. We kunnen overal over praten. Trouwens met onze papa is het precies zo.” Het is bijzonder dat ze hierover met z’n allen zo eensgezind vertellen! Wat een liefdevol gezin is dit!

De religie van dankbaarheid

Yukari Hishikawa straalt een serene rust uit die licht en vrolijk maakt. Ze geeft me twee snoepjes uit Japan, in de vorm van een bloem. Achteraf realiseer ik me dat alles wat ze me vertelt zin heeft, geen woord teveel of te weinig, alles past precies. De hele dag erna voel ik me blij, voldoende om in alle rust nog eens te overdenken.

Schoonhoven – Yukari en haar echtgenoot zijn naar Nederland gekomen omdat ze het beter vonden voor hun zoon Quirin om in Nederland op te groeien. ‘In Japan moeten kinderen de hele dag leren, als ze uit school komen moeten ze weer ergens anders heen voor lessen. Dat is zielig; kinderen krijgen geen gelegenheid om te spelen! Het is veel leuker in Nederland.’ 
Toen ze over de eerste periode met heimwee heen was, ging Yukari steeds meer genieten van de vrijheid die hier heerst en ze wil zeker niet meer terug: ‘In Japan letten mensen erg op elkaar en wil iedereen hetzelfde zijn. Hier kun je je vrijer bewegen. Ik ga heel graag naar Japan, maar dan wel op vakantie!’ 
Yukari werkte tien jaar bij de Wereldwinkel. Zij en haar man Eric reizen graag en kijken films, zoals ‘Departures’ waarin goed wordt weergegeven hoe de crematieceremonie in Japan wordt uitgevoerd.

Klein altaar
In de boekenkast, centraal in de woonkamer heeft Yukari een klein altaar ingericht. Ter nagedachtenis aan haar zuster die in 2006 is gestorven en aan haar vader, die in maart 2018 overleed.
Na een overlijden komen familie en vrienden bij elkaar om bij de overledene te bidden tot de volgende dag aanbreekt. ‘Mijn vader was Boeddhist, aan zijn ziel heeft een monnik middels gebeden de weg gewezen om veilig naar het hiernamaals te reizen. Na de wake volgt een ceremoniële dag waarop vrienden en familie bij elkaar komen om over de overledene te praten en zoveel mogelijk herinneringen op te halen. De achtergebleven echtgenoot voert afsluitend het woord om alle aanwezigen te bedanken. Vervolgens wordt er gezamenlijk gegeten. Het is een intense bijeenkomst waar familiebanden worden versterkt.
Zo snel mogelijk daarna volgt de crematie, waarbij alleen de familie en naaste vrienden aanwezig zijn. Drie uur later is het vuur gedoofd en afgekoeld. Dan krijgt men chop-sticks uitgereikt waarmee de overgebleven botjes en resten worden opgepakt en in een grote doos verzameld. De tweede halswervel, waar het hoofd buigt tijdens het bidden is het belangrijkst om te bewaren. Daar is het waar de Boeddha huist.
De ziel van de overledene zou nog weleens een poosje in onze wereld kunnen vertoeven, daartoe blijven de resten bij elkaar zolang de familie dat goeddunkt. Dat kan van een halfjaar tot een jaar duren. Na deze periode worden de botjes overgedaan in kleine urnen die worden meegegeven aan de familieleden.’

Troost
‘Mijn vader overleed in maart. De tijd helpt mee het verdriet te laten slijten. Als in april het weer mooier wordt en de kersenbloesem bloeit geeft dat troost. Troosten doe je ook door je verdriet te delen. Je mag gerust laten merken dat je zelf ook verdriet hebt. Medeleven hebben betekent dat je leed niet alleen hoeft te dragen.’


Shinto
Elke ochtend en avond spreekt Yukari een gebed uit, gericht aan haar vader en zuster. ‘Ik vertel ze wat ik ga doen of wat er is gebeurd of vraag om steun in een heel persoonlijk gesprekje. Mijn religie, Shinto, is die van dankbaarheid. Ik ben dankbaar als de zon schijnt. Dat er stromend water is in de badkamer. Ik ben dankbaar voor de natuur. Dankbaar dat ik leef en dankbaar voor de mensen in mijn leven. Medeleven geeft troost en dankbaarheid maakt je gelukkig. Als je gelukkig bent en je niet alleen voelt, volgt als vanzelf tevredenheid en bescheidenheid. Je hoeft nergens over te pochen als alles goed is.’ 

Quilts
‘Toch heb ik een grote wens,’ lacht Yukari. ‘De strenge en sobere manier van leven van de de Amish in Ohio intrigeert me. Ze hebben geen auto, electra of telefoon. Als de zon ondergaat is het bedtijd. Het tempo van de Amish is weliswaar langzaam maar ontegenzeglijk rijk. Enfin, er is een markt waar ze hun quilts verkopen. Dat is waar ik naartoe wil.’ Ze haalt wat boeken tevoorschijn met quilts uit Japan met vele sierlijke motieven, en ernaast die van de Amish, opvallend door eenvoud in effen lapjes, hoewel de stiksels erdoorheen zeer verfijnd zijn. ‘Alles met de hand gemaakt,’ verzucht Yukari die zelf op haar twintigste met groot wandkleed is begonnen en het pas na haar verhuizing naar Nederland op haar drieënveertigste heeft afgemaakt. ‘Mijn vader had veel mooie stropdassen,’ vertelt ze. ‘Na zijn dood heb ik die meegenomen om in een quilt te verwerken. Het is een mooie manier om kleding waar herinneringen aan verbonden zijn als aandenken te bewaren.’

Recept
Yukari trakteert mij op heerlijke sushi; rijst met verse gember in een tasje van tofu, en misosoep. Misosoep maak je zo: Kook water met miso en visbouillon, voeg er blokjes tofu of aardappel aan toe, evenals wat wakame zeewier en een lentepreitje. Klaar!

Loes Ambrosius schrijft een serie portretten van vrouwen die onze moderne multiculturele samenleving een gezicht geven. Ben je of ken je zo’n vrouw? Bel dan 06-18257903. Volg de verhalen en achtergrond op: www.KleurrijkKrimpenerwaard.nl en op Facebook: Kleurrijk Krimpenerwaard.